Een rusthuis voor verpleegsters

Toen verplegen als beroep vanaf 1900 aan de opmars begon, kwamen ook de eerste problemen. Affaires en relletjes teisterden de ziekenhuizen. De arbeidsomstandigheden waren ronduit slecht en het eten ook. Dat gaf onrust, waardoor verpleegsters tot grote ergernis van ziekenhuisdirecties vertrokken om voor zichzelf te beginnen.

Villa Bella Vista te Oosterbeek
De Nederlandsche Bond voor Ziekenverpleging (1893) besloot er iets aan te doen. Er moest een rusthuis komen voor hardwerkende zusters – mannen telden niet mee -, om ze een beetje ontspanning te geven in vakantietijd. Maar ook als ze overwerkt waren, hadden ze even een rustpauze nodig. En dus ging het bestuur op zoek naar een ‘rustoord voor zieke en herstellende verpleegsters’. In 1904 ging hun wens in vervulling. Een onbekende weldoenster stelde haar gemeubileerde villa in Oosterbeek voor twee jaar ter beschikking, gratis. Het huis bood onderdak aan de directrice – de weduwe Rueck-van Dijk -, en aan zeven verpleegsters. Het was de bedoeling dat het huis zomers als vakantieverblijf voor verpleegsters – uiteraard uitsluitend Bondsleden -, diende en in de wintermaanden voor oververmoeide of herstellende verpleegsters. De villa, gebouwd in 1870, heette Bella Vista en was gelegen aan de Benedendorpseweg 98.

Anna Reynvaan
Een rijk gevulde linnenkast
De bekende Anna Reynvaan was inmiddels met pensioen maar nog steeds op allerlei terreinen actief en zeer invloedrijk. Ze bood aan om voorafgaand aan de opening alvast een kijkje te gaan nemen in Oosterbeek. Dan kon ze over haar bezoek een artikel schrijven en dat publiceren in het Maandblad voor Ziekenverpleging, lijfblad van de Bond. Een slimme manier om het rusthuis vast wat bekendheid te geven. Ze kreeg van de kelder tot de zolder een rondleiding en was verrukt: de linnenkast was rijk gevuld, de keukeninventaris compleet en een kippenhok in de tuin leverde dagelijks ‘verse eitjes voor de zusters’. Het verblijf kostte een verpleegster 1 gulden per dag, wat uiteraard niet kostendekkend was. Gelukkig kwamen de vrijwillige giften al snel op gang en bijdragen van het Ondersteuningsfonds vulden de tekorten aan. Kortom, Bella Vista was een mooie manier om proef te draaien en te zijner tijd een ‘eigen’ rusthuis te exploiteren.
Villa Buitenrust in Oosterbeek

Villa Buitenrust te Oosterbeek
Na een experiment van twee jaar was het wel duidelijk dat er grote behoefte was aan een dergelijk rustoord, dat inmiddels al 167 verpleegsters had ontvangen. De weldoenster, van wie de naam helaas onbekend is, had de Bond nog een aanzienlijke schenking gedaan, zodat in 1906 een andere grote buitenplaats in Oosterbeek, Villa Buitenrust, aangekocht kon worden. De exploitatie van dit megaproject verliep moeizaam en de prijs voor een verblijf was voor de verpleegsters aan de hoge kant. Enkele verpleegsters uitten hun ongenoegen over de hoge dagprijs van het nieuwe onderkomen. Was het niet beter dat Villa Buitenrust het eigendom van de zusters zelf zou worden, dus hun eigen bezit? Dit voorstel was voor het bestuur niet bespreekbaar, hoe haalden ze het in hun hoofd! Maar een jaarlijkse donatie van de zusters om het rusthuis draaiende te houden, was uiteraard zeer welkom. Van hun karige salaris zouden vele verpleegsters dat uiteindelijk ook doen, want het was ook in hún belang. Het rusthuis zou nog jarenlang dienst doen, hoewel de exploitatie voor de Bond een blok aan het been was.
Niet alleen de Nederlandsche Bond voor Ziekenverpleging, ook andere bonden richtten vanaf 1900 dit soort rusthuizen op om hun werknemers af en toe een adempauze te gunnen. Een echte oplossing voor oververmoeide verpleegsters was het allemaal niet.



